Terug naar de cursus

Virginie Dardenne

Laatste update:
24 januari 2025

Hoe je je doelgroep definieert

Alles wat je post zou bepaald moeten worden door wie je probeert te bereiken. Dit hoofdstuk leidt je door het definiëren van je doelgroep, het begrijpen van hun uitdagingen en uitzoeken waar je ze kunt vinden.

Personal branding
7 MIN LEZEN

Waarom je doelgroep bepalen ertoe doet

Alles wat je post op social media zou bepaald moeten worden door wie je probeert te bereiken. De onderwerpen die je kiest, de toon die je gebruikt, de platforms waar je op focust, zelfs het tijdstip van posten: alles hangt af van je doelgroep. Zonder die duidelijkheid gok je. En gokken leidt tot lage engagement, verspilde moeite en het gevoel dat social media niet werkt voor je bedrijf.

Je doelgroep definiëren is geen eenmalige oefening. Het is het fundament waar je hele contentstrategie op rust. Krijg het goed, en elke andere beslissing wordt makkelijker.

1. Bouw een persona: tegen wie praat je?

Een buyer persona is een fictief profiel van je ideale klant of kandidaat. Het is geen demografisch spreadsheet. Het is een specifiek persoon die je voor je kunt zien wanneer je gaat zitten om een post te schrijven.

Geef ze een naam. Definieer hun rol, hun branche, de grootte van hun bedrijf, hun dagelijkse uitdagingen. Waar gaan ze naartoe voor informatie? Wat houdt ze professioneel 's nachts wakker?

Als je bijvoorbeeld een accountantskantoor bent in Vlaanderen zoals Carbofisc, zou je persona kunnen zijn: "Koen, 42, runt een maak-mkb met 35 medewerkers in West-Vlaanderen. Hij maakt zich zorgen over het missen van belastingdeadlines en heeft geen CFO. Hij scrollt LinkedIn tijdens zijn woon-werkverkeer en leest De Tijd in het weekend."

Dat is specifiek genoeg om te sturen wat je post. Een generiek "ondernemers van 30-55" is dat niet.

Hoe gedetailleerder je persona, hoe scherper je content wordt. Wanneer je Koens wereld kent, stop je met schrijven voor iedereen en begin je te schrijven voor hem. Dat is wanneer engagement verbetert.

2. Wat zijn hun grootste uitdagingen?

Je content zou problemen moeten aanpakken die je publiek daadwerkelijk heeft, niet problemen waarvan je aanneemt dat ze die hebben. Het verschil tussen die twee is vaak groter dan je verwacht.

Hoe kom je erachter? Begin met wat je al weet. Je verkoopgesprekken, klant-onboardinggesprekken en supporttickets zitten vol terugkerende vragen en frustraties. Dat zijn contentonderwerpen die liggen te wachten.

Je kunt ook een korte enquête houden onder je bestaande klanten of volgers. Vraag: wat is je grootste uitdaging met [jouw expertisegebied] op dit moment? De antwoorden zullen je verrassen.

High Touch, een Belgisch consultancykantoor, vond hun ritme op LinkedIn toen ze begonnen te posten over de specifieke uitdagingen waarmee hun publiek te maken had, in plaats van over hun eigen diensten te praten. De verschuiving van "wat wij doen" naar "waar jij mee worstelt" veranderde hun engagement volledig.

3. Waar brengen ze hun tijd online door?

De meeste B2B-professionals in België en Nederland zijn actief op één of twee platforms. Je inspanning verspreiden over vijf kanalen betekent dat je er geen goed doet. Focus op waar je publiek daadwerkelijk is.

Voor de meeste B2B-dienstverleningsbedrijven is LinkedIn het primaire kanaal. Het is waar beslissers, hiring managers en branchegenoten hun professionele browsetijd doorbrengen. Als je bedrijven bedient, begin hier.

Facebook werkt beter voor lokale zichtbaarheid, employer branding en het bereiken van doelgroepen die niet dagelijks op LinkedIn zitten. Verzekeringskantoren, vastgoedkantoren en lokale accountantskantoren zien hier vaak goede resultaten.

Instagram past bij bedrijven waar visuele content het verhaal vertelt: architectuur, design, horeca, retail. Voor de meeste professionele dienstverleners is het hooguit een secundair kanaal.

Hoe bevestig je waar je publiek is? Drie praktische methoden:

Check je analytics. Als je Google Analytics gekoppeld hebt aan je website, kijk welke sociale platforms het meeste verkeer genereren. Dat vertelt je waar je publiek al engageert met je merk.

Kijk naar je concurrenten. Waar zijn zij actief? Welke van hun kanalen krijgen de meeste engagement? Dat is een sterk signaal voor waar je gedeelde publiek tijd doorbrengt.

Vraag het rechtstreeks. Een simpele LinkedIn-poll of een vraag in je volgende klant-e-mail — "welk sociaal platform gebruik je het meest voor professionele content?" — geeft je echte data binnen dagen.

Het antwoord zal bijna altijd naar één of twee platforms wijzen. Daar investeer je je tijd. SuccesJobs, een klein HR-kantoor in België, beheert vijf sociale profielen maar focust hun creatieve energie op LinkedIn, waar hun publiek van HR-professionals en hiring managers daadwerkelijk zit. De andere kanalen krijgen aangepaste versies van dezelfde content.

Het juiste social media platform kiezen voor je bedrijf

4. Welke echte waarde bied je ze?

Elke post moet één test doorstaan: helpt dit mijn doelgroep? Niet "ziet mijn bedrijf er goed uit" of "promoten we onze nieuwste feature." Helpt het ze?

Waarde neemt vele vormen aan: een praktische tip die ze vandaag kunnen gebruiken, een inzicht in een trend die hun branche raakt, een framework voor het oplossen van een veelvoorkomend probleem, of zelfs gewoon een herkenbare observatie over hun dagelijks werk.

Denk aan de vragen die je klanten je het vaakst stellen. Die vragen zijn je content. Een IT-consultancy die steeds gevraagd wordt "hoe weten we of onze data GDPR-compliant is?" heeft een dozijn posts in die ene vraag zitten.

EzwConsult's Elly Zwerts bouwde haar hele LinkedIn-reputatie op door de HR-vragen te beantwoorden die haar publiek al stelde. Vijf jaar consequent, waarde-eerst posten maakte haar tot een erkende stem in haar niche.

5. Wat stoot ze af?

Weten wat je publiek niet wil is net zo nuttig als weten wat ze wel willen. De snelste manieren om volgers te verliezen:

Constante zelfpromotie. Als elke post over je bedrijf, je product of je prestatie gaat, haken mensen af. De vuistregel: deel één promotionele post voor elke vier die educeren, inspireren of entertainen.

Jargon. Als je publiek niet dezelfde terminologie gebruikt die je intern hanteert, vereenvoudig. Een advocatenkantoor dat post over "grensoverschrijdende regelgevingsharmonisatie" krijgt minder engagement dan een kantoor dat zegt "wat de nieuwe EU-regels betekenen voor je bedrijf."

Inconsistentie. Drie keer posten in één week en dan een maand stil zijn signaleert dat social media geen prioriteit is voor je. Je publiek merkt het.

Generieke content. Als je post door elk bedrijf in je branche geschreven had kunnen zijn, valt het niet op. Jouw unieke perspectief, jouw specifieke klantervaring, jouw eerlijke mening: daar volgen mensen je voor.

6. Wie vertrouwen ze al?

Je publiek begint niet bij nul. Ze volgen al mensen, lezen publicaties en vertrouwen bepaalde stemmen in je vakgebied. Begrijpen wie die vertrouwde bronnen zijn helpt je op twee manieren.

Ten eerste vertelt het je welke kwaliteit en toon je publiek verwacht. Als ze scherpe, uitgesproken commentatoren volgen, moet jouw content ook een standpunt hebben. Als ze datagedreven onderzoekers volgen, onderbouw je beweringen met cijfers.

Ten tweede opent het deuren voor engagement. Reageren op content van mensen die je publiek al vertrouwt, plaatst je voor de juiste mensen. Ze taggen (met goede reden) start gesprekken. Na verloop van tijd word je onderdeel van die vertrouwde kring.

Social proof doet er ook toe. Klantgetuigenissen, case studies en reviews laten je publiek zien dat mensen zoals zij met je hebben gewerkt en goede resultaten hadden. Triniti Solutions ging van een blanco pagina naar een gepolijste LinkedIn-aanwezigheid met Willow's coaching. Hun bereidheid om die reis publiekelijk te delen bouwt vertrouwen met prospects die in dezelfde startpositie zitten.

Volgende hoofdstuk

Hoe je je niche kiest in vier stappen

Gratis cursussen over sociale media